Ingangtest regeleenheid zonnedak testen

Ingangtest regeleenheid zonnedak testen

KK-, KU- en KT-modellen


1.Verwijder de dakbekleding .

2.Maak de 5-pins stekker (A) los van de regeleenheid van het zonnedak (B).

 

3.Met de stekker nog steeds los de volgende ingangstesten uitvoeren op de stekker.

  • Als bij een van de testen een storing blijkt, de oorzaak opsporen en herstellen en vervolgens het systeem opnieuw controleren.
  • Als alle ingangstesten in orde blijken, de regeleenheid van het zonnedak vervangen.

Aansluiting Draad Testsituatie Testen: Gewenst resultaat Mogelijke oorzaak als resultaat niet is zoals gewenst 
BLK In alle situaties Controleer op doorverbinding met massa:
Er moet doorverbinding zijn. 
  • Slechte massa (G401)
  • Een draadbreuk in de draad
 
YEL Contactschakelaar op AAN (II)  Controleer op spanning met massa:
Er moet accuspanning zijn. 
  • Doorgebrande zekering nr. 3 (7,5 A) in het zekering-/relaiskastje onder het dashboard
  • Een draadbreuk in de draad
 
LT GRN Zonnedak volledig gesloten Controleer op spanning met massa:
Er moet doorverbinding zijn. 
  • Slechte massa (G401)
  • Defecte openingsschakelaar van het zonnedak
  • Een draadbreuk in de draad
 
RED/YEL Contactschakelaar op AAN (II) Controleer op spanning met massa:
Er moet accuspanning zijn. 
  • Doorgebrande zekering nr. 3 (7,5 A) in de zekeringen-/relaiskast onder het dashboard
  • Defect relais voor openen zonnedak
  • Een draadbreuk in de draad
 
GRN/WHT Contactschakelaar op AAN (II) Controleer op spanning met massa:
Er moet accuspanning zijn. 
  • Doorgebrande zekering nr. 3 (7,5 A) in de zekeringen-/relaiskast onder het dashboard
  • Defect relais voor sluiten zonnedak
  • Een draadbreuk in de draad
 
Verbind de aansluitingen nr. 3 en nr. 5 met een hulpdraad, en zet het contact in ON (II) Controleer de werking van de motor:
De motor moet lopen (het zonnedak moet open gaan). 
  • Slechte massa (G401)
  • Doorgebrande zekering nr. 7 (30 A) in de zekeringen-/relaiskast motorruimte
  • Doorgebrande zekering nr. 3 (7,5 A) in de zekeringen-/relaiskast onder het dashboard
  • Defect relais voor openen zonnedak
  • Defect relais voor sluiten zonnedak
  • Defecte zonnedakmotor
  • Een draadbreuk in de draad
 
Verbind de aansluitingen nr. 2 en nr. 5 met een hulpdraad, en zet het contact in ON (II) Controleer de werking van de motor:
De motor moet lopen (het zonnedak moet dicht gaan).