| 1. | Verwijder deze onderdelen: |
| 2. | Verwijder de schroef (A). Maak de klemmen (B) en de haken (C) los door de middelste onderste afdekking (D) met de hand weg te trekken. Zonder airconditioning Met Airconditioning |
| 3. | Ontkoppel de stekkers (E) van de verwarmingsregeleenheid (zonder airco), de stekker (F) van de klimaatregeleenheid (F) (met airco) en laat de kabelboom (G) los van de klem. |
| 4. | Zonder airco: Ontkoppel in de binnenste opening van het handschoenenvakje de recirculatiebedieningskabel (A), functiebedieningskabel (B) en onder het dashboard de bedieningskabel voor de luchtmenging (C):
|
| 5. | Maak vanuit de openingen in het handschoenenkastje en de onderste afdekking van het dashboard aan de kant van de bestuurder, de bouten los waarmee het middenpaneel (A) vastzit.
|
| 6. | Met een sleutel die voorzichtig door de opening aan de binnenkant van het handschoenenkastje wordt heengestoken, tegen een paneelklem drukken aan de kant van het handschoenenkastje aan de achterkant van het middenpaneel (A) om hem los te maken. Afgebeeld is een model met stuur links. Modellen met het stuur rechts zijn symmetrisch.
|
| 7. | Trek het middenpaneel (A) eruit om de klemmen (B, C) los te maken en maak vervolgens de stekkers los:
Zonder navigatiesysteem Met navigatiesysteem |
| 8. | Maak de kabelboomklemmen (K) los van zowel de middenpaneelsteunen (zonder airco) en verwijder vervolgens het middenpaneel:
|
| 9. | Monteer het paneel in omgekeerde volgorde van het uitbouwen, en zorg dat elke stekker goed is ingestoken, en dat de antennekabel en leidingen goed zijn verbonden. |