| 1. | Controleer of de ruit op de juiste wijze is gemonteerd. |
| 2. | Sluit het bestuurdersportier. |
| 3. | Zet de contactschakelaar UIT. |
| 4. | Verwijder zekering nr. 29 (20 A) in de zekering/relaiskast onder het dashboard |
| 5. | Zet de contactschakelaar AAN (II). |
| 6. | Draai de contactschakelaar na 1 seconde op UIT. |
| 7. | Monteer na 5 seconden zekering nr. 29 (20 A) in de zekering/relaiskast onder het dashboard. |
| 8. | Controleer of het raam aan de bestuurderszijde niet op AUTO staat, met de contactschakelaar op AAN (II). |
| 9. | Draai de contactschakelaar in de stand START (III) en start de motor. |
| 10. | Draai raam aan de bestuurderszijde helemaal naar beneden door te drukken op DOWN op de schakelaar van het elektrisch bediende raam. |
| 11. | Open het portier aan de bestuurderszijde. |
| 12. | Draai het raam aan de bestuurderszijde helemaal naar boven door te drukken op UP op de schakelaar van dit elektrisch bediende raam en hou deze stand vervolgens nog 1 seconde vast. |
| 13. | Als het raam niet in de stand AUTO werkt, de hoofdschakelaar van het elektrisch bediende raam opnieuw resetten volgens de bovenstaande procedures. |