Aircosysteemtests

Aircosysteemtests

Druktest


Testresultaten Bijbehorende symptomen Waarschijnlijke oorzaak Remedie 
Afvoerhogedruk abnormaal hoog Na het stoppen van de compressor, daalt de druk snel naar ongeveer 196 kPa (2,0 kgf/cm2) om vervolgens langzaam verder te dalen. Lucht in het systeem Tap af, ontlucht en vul opnieuw met de voorgeschreven hoeveelheid. 
Geen bellen in het kijkglas als de condensor met water wordt afgekoeld Teveel koelmiddel in het systeem Tap af, ontlucht, en vul opnieuw met de aangegeven hoeveelheid. 
Verminderde of helemaal geen luchtstroom door de condensor 
  • Aangekoekte condensorvinnen
  • Condensorventilator werkt niet naar behoren
 
  • Reinigen
  • Controleer voltage en toerental van ventilator
  • Controleer draairichting van ventilator.
 
Leiding naar de condensor is veel te heet. Beperkte doorstroming van koelmiddel in systeem Leidingen met vernauwingen 
Afvoerdruk is abnormaal laag Veel te veel bellen in het kijkglas, de condensor is niet heet. Onvoldoende koelmiddel in het systeem 
  • Controleer op lekkage.
  • Vul het systeem.
 
Hoge en lage drukken heffen elkaar snel op na het stoppen van de compressor. Lage kant is hoger dan normaal. 
  • Defecte afvoerklep van de compressor
  • Defecte compressorafdichting
 
Vervang de compressor. 
Uitlaat van het expansieventiel is niet bevroren, lage-drukmeter geeft vacuüm aan. 
  • Defect expansieventiel
  • Vocht in het systeem
 
  • Vervangen
  • Tap af, ontlucht, en vul opnieuw met de aangegeven hoeveelheid.
 
Aanzuiglagedruk abnormaal laag Veel te veel bellen in het kijkglas, de condensor is niet heet. Onvoldoende koelmiddel in het systeem 
  • Repareer lekken.
  • Tap af, ontlucht, en vul opnieuw met de aangegeven hoeveelheid.
  • Vul bij voor zover nodig.
 
Expansieventiel is niet bevroren en de lage-drukleiding is niet koud. Lage-drukmeter geeft vacuüm aan. 
  • Bevroren expansieventiel (Vocht in het systeem)
  • Defect expansieventiel
 
  • Tap af, ontlucht, en vul opnieuw met de aangegeven hoeveelheid.
  • Vervang het expansieventiel.
 
Afvoertemperatuur is laag en de luchtstroom uit de ventilatieopeningen is beperkt. Bevroren verdamper Laat de ventilator draaien zonder compressor. Controleer vervolgens de  sensor verdampertemperatuur. 
Expansieventiel is bevroren. Verstopt expansieventiel Schoonmaken of vervangen. 
Aanzuigdruk abnormaal hoog Lage-drukslang en vulkoppelingen zijn kouder dan de temperatuur in de buurt van de verdamper. Expansieventiel te lang open Repareren of vervangen. 
Aanzuigdruk wordt verlaagd als de condensor met water wordt gekoeld. Teveel koelmiddel in het systeem Tap af, ontlucht, en vul opnieuw met de aangegeven hoeveelheid. 
Hoge en lage druk worden gelijk zodra de compressor is stil gezet en beide meters fluctueren als de compressor in werking is. 
  • Defecte pakking
  • Defecte hoge-drukklep
  • Vreemd voorwerp zit vast in de hoge-drukklep
 
Vervang de compressor. 
Aanzuig- en afvoerdrukken zijn abnormaal hoog Gereduceerde luchtstroom door de condensor. 
  • Aangekoekte condensorvinnen
  • Condensorventilator werkt niet naar behoren
 
  • Reinigen
  • Controleer voltage en toerental van ventilator
  • Controleer draairichting van ventilator.
 
Geen bellen in het kijkglas als de condensor met water wordt afgekoeld Teveel koelmiddel in het systeem Tap af, ontlucht, en vul opnieuw met de aangegeven hoeveelheid. 
Aanzuig- en afvoerdruk zijn abnormaal laag Lage-drukslang en metalen eindstukken zijn kouder dan de verdamper. Verstopte of geknikte delen van de lage-drukslang Repareren of vervangen. 
Temperatuur rondom het expansieventiel is te laag in vergelijking met die in de buurt van ontvanger/droger. Verstopte hoge-drukleiding Repareren of vervangen. 
Koelmiddel lekt Compressorkoppeling is vervuild. Compressorasafdichting lekt Vervang de compressor. 
Compressorbout(en) zijn vervuild. Lekkage rond de bout(en) Trek de bout(en) vast of vervang de compressor. 
Compressorpakking is nat van de olie. Pakking lekt Vervang de compressor. 

Functietest




  • Perslucht gemengd met R-134a vormt een brandbaar dampmengsel.
  • De damp kan branden of exploderen en daarbij ernstig letsel veroorzaken.
  • Gebruik nooit perslucht om de druk van R-134a-onderhoudsapparatuur of airconditioningsystemen van voertuigen te testen.





  • Koelmiddel van de airco of damp van smeermiddelen kan uw ogen, neus of keel irriteren.
  • Ga voorzichtig te werk tijdens het aansluiten van onderhoudsapparatuur.
  • Adem koelmiddel of damp niet in.



De functietest helpt bij het bepalen of het airconditioningsysteem binnen de specificaties werkt.

Gebruik alleen onderhoudsapparatuur dat bestemd is voor koelmiddel HFC-134a (R-134a).

Als per ongeluk leging plaatsvindt, werkomgeving ventileren voordat onderhoud wordt hervat.

R-134a-onderhoudsapparatuur of airconditioningsystemen van voertuigen mogen niet op druk of lekkage worden getest met behulp van perslucht.

Aanvullende informatie over gezondheid en veiligheid is verkrijgbaar bij producenten van koel- en smeermiddelen.

1.Sluit een R-134a koelmiddelservicestation voor terugwinnen/reinigen/vullen aan op de hoge druk servicepoort en de lage druk servicepoort, volgens de aanwijzingen van de fabrikant van de apparatuur.

2.Bepaal de relatieve vochtigheid en luchttemperatuur.

3.Steek een thermometer in de middelste ventilatieopening.

 

4.Testomstandigheden:

  • Direct zonlicht vermijden.
  • Open de motorkap.
  • De voorste portieren openen.
  • Stel de draaiknop voor de temperatuurregeling in op "Max Cool", de draaiknop voor de functieregeling op "Vent" en de hendel voor de recirculatie op "Recirculate".
  • Zet de schakelaar van de airco aan en de ventilatorschakelaar op "Max".
  • Laat de motor lopen op een toerental van 1.500 omw/min (min-1).
  • Geen bestuurder of passagiers in voertuig.

5.Nadat u de airco 10 minuten hebt laten lopen onder bovenstaande testcondities, leest u de toevoertemperatuur af op de thermometer in de middelste ventilatieopening, de inlaattemperatuur dicht in de buurt van de aanjagereenheid achter het handschoenenvakje en de hoge en lage systeemdruk van de meters van de airco.

6.De grafieken invullen:

  • Noteer de uitvoertemperatuur langs de verticale lijn.
  • Noteer de invoertemperatuur (omgevingstemperatuur) langs de onderste lijn.
  • Trek een lijn recht omhoog van de luchttemperatuur naar de luchtvochtigheid.
  • Markeer een punt 10% boven en 10% onder de vochtigheidsgraad.
  • Trek vanuit elk punt een horizontale lijn over de uitvoertemperatuur.
  • De uitvoertemperatuur moet binnen de twee lijnen vallen.
  • Verricht de ondergrensdruktest en bovengrensdruktest op dezelfde manier.
  • Meetresultaten die buiten de lijnen vallen, kunnen aangeven dat verdere inspectie gewenst is.