Testen brandstofinjector (L12A/L13A zonder 5MT-KM/KP)

Testen brandstofinjector

OPMERKING: Controleer het volgende voordat u met de test begint: stationair toerental, ontstekingstijdstip en CO% bij stationair toerental.

1.Probeer de motor te starten.

Start de motor?


JA - Ga naar 2.


NEE - Ga naar 6.


2.Zet de contactschakelaar UIT. Verwijder het motordeksel.

3.Maak iedere injector afzonderlijk los.

4.Let op de verandering in het stationair toerental.

  • Als de verlaging van het toerental voor vrijwel elke cilinder hetzelfde is, dan werken de injectors normaal.
  • Blijft het stationair toerental of kwaliteit gelijk blijft wanneer u een bepaalde injector ontkoppelt, de injector vervangen en opnieuw testen.

5.Controleer met een stethoscoop of iedere injector een klikkend geluid maakt als de motor stationair loopt.

  • Als een injector niet het typisch klikkende geluid maakt, controleer het geluid dan opnieuw nadat u de injector hebt vervangen.
  • Als het klikkende geluid nog steeds afwezig is, controleer dan het volgende.
    • Of er sprake is van een kabelbreuk of een slechte verbinding in de YEL/BLK draad tussen het PGM-FI-hoofdrelais en de verdeelstekker.
    • Of de verdeelstekker open ligt of is gecorrodeerd.
    • Of er sprake is van een kabelbreuk of een slechte verbinding in de YEL/BLK draad tussen de verdeelstekker en de injector.
    • Of er sprake is van kortsluiting, een kabelbreuk of slechte verbinding in de kabel tussen de injector en de ECM/PCM.
  • Als alles in orde is, is de test voltooid.

6.Zet de contactschakelaar UIT.

7.Verwijder het motordeksel.

8.Verwijder de injectorstekker.

9.Meet de weerstand tussen aansluitingen nr. 1 en 2 van de injector (A).

 

Is er 10-13 W?


JA - Ga naar 10.


NEE - Vervang de injector.n


10.Controleer de brandstofdruk.

  • Als de brandstofdruk voldoet aan de specificaties, het volgende controleren:
    • Of er sprake is van een kabelbreuk of een slechte verbinding in de YEL/BLK draad tussen het PGM-FI-hoofdrelais en de verdeelstekker.
    • Of de verdeelstekker open ligt of is gecorrodeerd.
    • Of er sprake is van een kabelbreuk of een slechte verbinding in de YEL/BLK draad tussen de verdeelstekker en de injector.
    • Of er sprake is van kortsluiting, een kabelbreuk of slechte verbinding in de kabel tussen de injector en de ECM/PCM.
  • Als de brandstofdruk niet voldoet aan de specificaties, controleer dan de brandstofdruk opnieuw.