CVT druktests (CVT)

CVT druktests

Benodigd speciaal gereedschap
A/T oliedrukmeterset (  07406-0020004)
 

A/T lage-drukmeterset (  07406-0070001)
 



1.Voor u begint met testen, zorgen dat de automatische transmissievloeistof tot het juiste niveau is bijgevuld.

2.Krik de voorkant van het voertuig op en zorg dat het voertuig goed wordt ondersteund.

3.Trek de handrem aan en blokkeer de achterwielen zorgvuldig.

4.Verwijder de spatplaat.

5.Laat de voorwielen vrij ronddraaien.

6.Draai de motor warm (de koelventilator slaat aan), zet deze weer uit, en sluit daarna de toerenteller aan.

7.Sluit het speciaal gereedschap (07406-0020004) aan op de inspectieopening van de wegrijkoppelingsdruk (A).

 

8.Sluit het speciaal gereedschap (07406-0020004) aan op de inspectieopening van de achteruitkoppeling (B).

9.Sluit een in de handel verkrijgbare oliedrukmeter die 4,900 kPa (4,90 mPa, 50,0 kgf/cm2) of hoger kan meten, en sluit het speciaal gereedschap (07406-0020004) aan op de inspectieopening van de aandrijfpoeliedruk (C) en de inspectieopening van de aangedreven poelie (D).

OPMERKING: De poeliedruk en de druk van de aangedreven poelie kunnen hoger zijn dan 3,430 kPa (3,43 mPa, 35,0 kgf/cm2) als een storing in de transmissie optreedt waardoor de PCM terugvalt in de storingveilige modus.

10.Sluit het speciaal gereedschap (07406-0070001) aan op de inspectieopening van de smeerdruk (E).

 

11.Start de motor.

12.Schakel naar stand [D] en meet de druk van de vooruitkoppeling bij 1,700 omw/min (min-1).

13.Schakel naar stand [R] en meet de druk van de achteruitrem bij 1,700 omw/min (min-1).

14.Schakel naar stand [N] en meet de druk van de aandrijfpoelie en aangedreven poelie bij 1.700 omw/min (min-1).

15.Meet de smeerdruk bij 2.500 omw/min (min-1).

Druk Slijtagegrens 
Vooruit koppeling 1,44-1,71 MPa
(14,7-17,4 kgf/cm2
Achteruitrem 1,44-1,71 MPa
(14,7-17,4 kgf/cm2
AANDRIJFPOELIE 0,31-0,58 MPa
(3,2-5,9 kgf/cm2
Aangedreven poelie 0,43-0,91 MPa
(4,4-9,3 kgf/cm2
Smering 0,27-0,40 MPa
(2,8-4,1 kgf/cm2

16.Maak het speciaal gereedschap en de oliedrukmeter los nadat u klaar bent met testen.

17.Monteer de afdichtbouten met nieuwe afdichtringen en zet de bouten vast met 18 Nm (1,8 kgf.m). Gebruik de oude afdichtringen niet opnieuw.

18.Als de metingen buiten de slijtagegrens liggen, de onderstaande tabel raadplegen met storingen en waarschijnlijke oorzaken.

Storing Mogelijke oorzaak 
Geen of slechts lage druk op de vooruitkoppeling. 
  • Vooruitkoppeling
 
Geen of slechts lage druk op de achteruitrem. 
  • Achteruitrem
 
Geen of slechts lage druk op de aandrijfpoelie. 
  • ATF-pomp
  • PH regelklep
  • Regelklep voor de aandrijfpoelie
  • Regelklep voor de aangedreven poelie
 
De druk op de aandrijfpoelie is te hoog. 
  • PH regelklep
  • Regelklep voor de aandrijfpoelie
  • Regelklep voor de aangedreven poelie
  • Regelklep voor snelheidsverandering van de CVT
 
Geen of slechts lage druk op de aangedreven poelie. 
  • ATF-pomp
  • PH regelklep
  • Regelklep voor de aandrijfpoelie
  • Regelklep voor de aangedreven poelie
  • Regelklep voor de poeliedruk van de CVT
 
De druk op de aangedreven poelie is te hoog. 
  • PH regelklep
 
Er is geen of slechts lage smeringdruk. 
  • ATF-pomp
  • Smeerklep