Storingzoeken in het navigatiesysteem

Storingzoeken in het navigatiesysteem

Algemene werking


Raadpleeg de gebruikershandleiding van het Honda Navigatiesysteem voor informatie over de bedieningsprocedures van het Honda navigatiesysteem.

Antidiefstal voorziening


Het navigatiesysteem is uitgerust met een circuit voor diefstalpreventie dat met een code is beveiligd. Controleer of u de 5-cijferige beveiligingscode van de klant hebt voor;


Sluit na het onderhoud de stroomvoorziening van de navigatie-eenheid weer aan en zet de contactschakelaar op AAN (II). Voer de 5-cijferige beveiligingscode in.

Vergeet niet na het vervangen van de navigatie-eenheid de nieuwe beveiligingscode aan de klant te geven.

Storingsdiagnose


Bepaalde omstandigheden en systeembeperkingen zullen er de oorzaak van zijn dat af en toe een foutieve voertuigpositie wordt berekend. Het is mogelijk dat sommige klanten denken dat er dus een probleem met het navigatiesysteem is, terwijl het systeem normaal werkt. Denk aan de volgende punten wanneer u klanten vraagt naar storingen in het navigatiesysteem.

Navigatiebeperkingen door eigen traagheid


De beperkingen van het eigen-traagheidsgedeelte van het navigatiesysteem (de giersnelheidssensor en het voertuigsnelheidssignaal) kunnen enig verschil veroorzaken tussen de werkelijke positie van het voertuig en de aangegeven positie (GPS-voertuigpositie). Als echter de GPS-signalen niet kunnen worden ontvangen, moet u de voertuigpositie handmatig instellen.

De volgende omstandigheden kunnen de oorzaak zijn van foutieve voertuigposities:


Beperkingen van het Global Positioning System (GPS)


Het GPS kan de positie van het voertuig niet bepalen in de volgende gevallen:

De nauwkeurigheid van het GPS neemt af onder de volgende omstandigheden:

Beperkingen van de LCD-display-eenheid



Nabootsen van het optreden van storingen


Voorzorgsmaatregelen bij onderhoud